Schelto Patijn
AchternaamPatijn
RoepnaamSchelto
Geboortedatum1936-08-13
Sterftedatum2007-07-15
Leeftijd70
OorzaakGezondheid
SexeMannelijk

Biografie
Schelto Patijn (geboren te Den Haag – gestorven te Amsterdam) was een Nederlands politicus. Hij was burgemeester van de gemeente Amsterdam en lid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal namens de Partij van de Arbeid.

Patijn werd geboren als zoon van Conny Patijn, lid van de Tweede Kamer en kamerheer bij koningin Juliana, en jonkvrouwe Sara van Citters. Hij is een oudere broer van Michiel Patijn en stamt uit een patriciërsgeslacht dat al meerdere bestuurders had voortgebracht.

Patijn volgde van 1948 tot 1954 het Vrijzinnig Christelijk Lyceum te Den Haag. Hij studeerde vervolgens rechten aan de Rijksuniversiteit Utrecht. Patijn studeerde in 1959 af. Hij vervulde zijn militaire dienstplicht waarin hij het tot reserve-eerste luitenant der Koninklijke Marechaussee bracht. In 1961-1962 volgde hij een post-academische studie te Washington DC. Hierna was hij beleidsmedewerker bij de directie integratie Europa van het ministerie van Buitenlandse Zaken, tot hij in 1967 overstapte naar het Europa Instituut van de Rijksuniversiteit Leiden. Aanvankelijk was hij daar wetenschappelijk medewerker, maar in 1971 werd hij directeur van het instituut.

Patijn promoveerde in september 1973 aan de Universiteit Utrecht op Het Europees Parlement, de strijd om zijn bevoegdheden.

In 1973 begon ook zijn politieke carrière. Patijn was vanaf 28 mei 1973 lid van de Tweede Kamer voor de PvdA, en was vanaf 3 juli van dat jaar tevens lid van het Europees Parlement. In de Tweede Kamer was hij woordvoerder Grondwets- en kiesrechtzaken, en woordvoerder Europese zaken. In 1978 diende hij samen met de Amsterdamse PvdA-parlementariërs Jan Schaefer en Nora Salomons een voorstel in om de Woonruimtewet te wijzigen ten aanzien van het tegengaan van leegstand.

Toen de Leegstandswet tot stand kwam werd het voorstel ingetrokken. Van december 1978 tot augustus 1979 was Patijn voorzitter van een bijzondere commissie die moest onderzoeken wie weet had gehad van het oorlogsverleden van Willem Aantjes, hoe men aan deze kennis was gekomen en hoe die was gebruikt. Patijn stemde in 1980 voor een Nederlandse boycot van de Olympische Spelen in Moskou. Begin 1982 was hij kandidaat-burgemeester van Rotterdam, maar minister Van Thijn gaf de voorkeur aan de 42-jarige Bram Peper.

Bij de grondwetsherziening van 1983 speelde Patijn een belangrijke rol.

Op 16 juni 1984 werd Patijn Commissaris van de Koningin in de provincie Zuid-Holland. In die functie tekende hij op 30 augustus 1988 een besluit van Provinciale Staten van Zuid-Holland. Gedeputeerde Staten hoefden voortaan aan Provinciale Staten geen toestemming meer te vragen voor het gedurende korte termijn uitzetten van geld. De grens lag bij 200 miljoen gulden per transactie. Het besluit zou de opmaat tot de Ceteco-affaire blijken te zijn.

Per 1 juni 1994 werd Patijn burgemeester van de gemeente Amsterdam. Hij volgde Ed van Thijn op die in januari van dat jaar naar het kabinet-Lubbers III was vertrokken om de in het harnas gestorven Ien Dales op te volgen als minister van Binnenlandse Zaken. Patijn was een opmerkelijke keuze, omdat inmiddels een soort traditie leek te zijn ontstaan in de gemeente Amsterdam om een joodse burgemeester te benoemen. Hij was de beoogde Commissaris der Koningin van de nog te formeren stadsprovincie Amsterdam. Toen de stadsprovincie echter per referendum werd weggestemd, bleef voor Patijn alleen een burgemeestersbaan over; feitelijk een degradatie voor een Commissaris van de Koningin.

Als burgemeester wilde Patijn aanvankelijk het aantal coffeeshops in de hoofdstad halveren. Hij kreeg binnen enkele jaren een koosnaam ("Ome Schel") en een fanclub. Veel kritiek kreeg hij echter op het aan banden leggen van de Vrijmarkt met Koninginnedag.

Patijn werd op 1 januari 2001 opgevolgd door Job Cohen. Na zijn vertrek als burgemeester bleef hij in Amsterdam wonen, tegen zijn aanvankelijke voornemen in om weer naar Den Haag terug te keren.

In februari 2001 werd Patijn voorgedragen voor het vicevoorzitterschap van de PvdA, maar hij trok zich om gezondheidsredenen terug. In 2004 was Patijn voorzitter van een PvdA-projectgroep die het rapport Integratie en immigratie: aan het werk! schreef. In april 2005 volgde hij Eberhard van der Laan op als voorzitter van Stichting Groene Beheer, de bestuursstichting van De Groene Amsterdammer. In augustus van dat jaar werd hij voorzitter van de klachtencommissie asielbeleid.

Patijn was sinds 12 juli 1961 gehuwd met Anna Stroink. Het paar heeft drie kinderen. Nadat Patijn al een tijdje met gezondheidsproblemen kampte, overleed hij op 15 juli 2007 op 70-jarige leeftijd.

Terug


Medeleven
troostplek.nl20-07-2019

Sterkte aan alle nabestaanden.